Wij hebben – net als die stripfamilie “Jan, Jans en de kinderen” –  zo’n dikke rooie huiskater. Ook op hem is model “theemuts” van toepassing. Een lief, sullig beest dat zich gezapig laat meeslepen door de kinderen. En omdat we zo dol op hem zijn draagt hij naast zijn stoere katernaam “Ivar” ook de koosnaam “Dikke rode knor”. Het zal je gezegd worden! Zonder schaamte zeggen wij dit dagelijks minstens 100 keer tegen Ivar. Het dekt gewoon de lading.

Maar op het moment dat ik dit schrijf is de dikke rode knor dus stuk. Onze buurvrouw kwam het ons eergisteren vertellen: “jullie rode kat ligt bij ons onder de struiken. Het is niet goed met hem geloof ik”. Met een wit gezicht liep ik meteen met haar mee. Wij wonen in een rechthoek van brave twee-onder-één-kap-huizen. De brave tuintjes liggen aan de binnenkant van de rechthoek. Ideaal gebied voor katten dus. In de tuin van de buurvrouw aangekomen zie ik mijn kater meteen liggen. Hij mauwt klaaglijk en zijn pupillen zijn helemaal groot. Als ik dichterbij kom gaan zijn oren angstig naar achteren en kreupelt moeizaam naar achteren. Hij ontziet duidelijk zijn rechter-achterpoot.

De buurvrouw port hem voorzichtig met een schepnet naar me toe. Dat werkt en ik krijg hem in zijn nekvel te pakken. Ivar grauwt en gromt gevaarlijk naar me, maar ik trek hem toch voorzichtig naar me toe. Hij kronkelt wild om los te komen. Hij heeft duidelijk veel pijn. “Rustig maar jochie. Het is goed vent”, hoor ik mezelf zeggen. Het werkt blijkbaar, want ik kan hem nu onder zijn dikke buik pakken en optillen. Even later is hij veilig bij ons thuis. De kinderen huilen als ze hem zien strompelen. Zo zielig.

Natuurlijk bel ik gelijk de dierenarts. “Kies 1 voor spoedgevallen”, zegt de automatische telefoonstem. Dat doe ik natuurlijk. Ivar moet meteen komen. Geroutineerd (helaas hebben we de nodige ervaring met zieke katten) stoppen we de gewonde knor in de kattenkoffer. Mijn vrouw brengt hem weg en laat het troosten (en naar bed brengen) van de kinderen aan mij over.

De kattenkoffer komt leeg terug. Onze rode knor werd gelijk opgenomen. Ik had het ook niet anders verwacht. Uit de röntgenfoto’s bleek dat de poot inderdaad gebroken is. Een lelijke, meervoudige breuk. Het onderbeen is gedeeltelijk verbrijzeld op 2 plaatsen. Dit is vrijwel zeker door een aanrijding veroorzaakt. De dader is natuurlijk gewoon doorgereden. De buurvrouw had ook niks gezien en Ivar kan het ons ook niet vertellen. We zullen nooit weten wat er precies is gebeurd.

Gisteren is Ivar geopereerd. Hij kreeg een dikke stalen pen in zijn poot. Gisteravond mocht ik Ivar al weer ophalen. De blijdschap van het weerzien was duidelijk wederzijds. Nu ligt hij fijn thuis in een speciaal kattenhotel dat we hebben gemaakt voor hem. Een ruime kooi met mandje en kattebak. Hij moet namelijk 5 weken rust houden. Gelukkig is het een gezapige, luie huiskater. Hij vindt het allemaal wel best tot nu toe. Af en toe gaat hij even verliggen of moet hij op de kattebak. Dan gooit hij zijn lijf letterlijk door de kooi, want zijn ene poot doet niet mee. Dat ziet er wel zielig uit hoor.

Vanochtend wilde hij al weer eten en drinken. Dat is heel mooi. En als je hem aait, dan slaat die lekkere dikke knormotor gelijk aan. Die doet het gelukkig nog. We zijn allemaal erg opgelucht.

Powered by ScribeFire.

Advertenties