Harm parkeerde de trekker achter de schuur. Er was vannacht een boom omgewaaid en deels op het dak van de melkerij gevallen. Hij had de boom even weggesleept. Alleen het dak was beschadigd, de melkmachine gelukkig niet. De machine draaide de laatste jaren dan wel op een heel laag pitje, maar missen kon hij het ding nog niet. Hij had nog 30 koeien in het bedrijf. Te veel om met de hand te melken. Te weinig om aan te verdienen. Verder had Harm een stuk of wat varkens, wat schapen, twee ouwe knollen en rond het hele erf scharrelden kippen. Harm had niet veel land en hij verbouwde vooral mais en aardappelen. Zijn bedrijf kwam nauwelijks rond en Harm moest moderniseren, dat wist hij.

Op de deel deed Harm zijn klompen uit en ging het huis binnen. Greetje had al koffie gezet. Dankbaar schonk hij een bak vol. Op tafel lag de krant van vandaag. Greetje had een grote cirkel gezet om een artikeltje op de voorpagina. Ze had er zelfs een uitroepteken achter gezet. Het artikel kondigde aan dat morgen de grootste landbouwbeurs van Nederland weer plaats zou vinden. Greetje vond blijkbaar dat Harm daar maar eens heen moest. Toen hij de koffie op had ging hij zijn goeie broek en hemd luchten en zijn goeie schoenen poetsen.

Op de beurs werd Harm een ander mens. Het was alsof hij al die jaren onder een steen had geleefd. Harm had alles wat hij zag opgezogen als een droge spons. En aan het eind van de dag had hij een glasheldere visie. Hij moest alles anders doen. Met een suizende kop en een tas vol folders en gratis pennen toog Harm weer huiswaarts. Greetje zag de verandering gelijk. Harm keek mijlenver vooruit, vastberaden. Hij zag Greetje dan ook niet. Haastig sprong ze opzij.

Harm sloot zich drie dagen op in zijn werkkamer. Hij moest de hele tijd wel aan het telefoneren zijn geweest, want Greetje hoorde hem veel praten. Op een dag stopte er een bestelwagen van de DHL. Harm kwam opgetogen uit zijn kamer gestoven om de spullen in ontvangst te nemen. Na vier keer lopen met de steekwagen had Harm alle spullen in zijn kamer. Hoe dat daar allemaal in paste begreep Greetje niet. En wat hij met al die spullen moest, begreep ze nog veel minder. Toch hield ze zich wijselijk op de achtergrond. Er ging iets veranderen, en dat was goed.

De volgende ochtend ontbeten ze zoals altijd zwijgend. Sinds hun ja-woord 8 jaar geleden hadden ze hooguit een handvol woorden met elkaar gewisseld. Na het ontbijt trok Harm zijn jas aan en ging naar buiten. “Greet, ik ben even naar de kapper!”, riep Harm en sprong op zijn trekker. Achter de trekker hing een kar vol met ouwe troep uit Harm’s kamer. Greetje krabbelde zich achter haar oren, en keek hem hoofdschuddend na.

Toen Greetje naar binnen ging, zag ze dat de deur van Harm’s kamer nog open stond. Het enige dat ze nog herkende was het oude bureau. Daarop stond een groot beeldscherm en verder lag het vol met folders. In de hoek waar eerst een boekenkast stond, stond nu een enorm apparaat te zoemen. En aan de grote muur tegenover zijn bureau had Harm een groot wit bord opgehangen waarop hij verwoed allerlei lijnen en figuren had getekend met viltstift.

Harm kwam pas laat in de ochtend weer terug in een spiksplinternieuwe auto die geruisloos het erf op reed. Greetje herkende hem eerst niet eens toen hij uitstapte. Hij had een blits kapsel en droeg een nieuw maatpak met overhemd en stropdas. Aan zijn voeten twee glimmende Italiaanse schoenen. “Hai Gree”, zei hij. Hij spreidde zijn armen en draaide langzaam rond. “En?”, vroeg hij toen. “Ja, heel anders hè”, antwoordde hij zelf. “Kiek, ik heb zelfs een visitekaartje”. Greet nam het verbijsterd aan. Het zag er heel modern uit. Dit stond er op het kaartje:

Advertenties