Lage woorden hoor je nooit, want ze hoeven er niet zo nodig uit. Ja, je hoort ze wel, maar ze komen niet uit boven het geroezemoes. Lage woorden zijn fijn. Lage woorden zijn aangenaam. Koetjes en kalfjes. Ladida. Lage woorden zijn de pasteltinten van het gesprek.

Als een woord gaat knellen, dan wordt het langzaam opgestuwd door de andere woorden. Het vervelende woord wordt veel te primair. Als een soort afweerreactie verdringen de lage woorden de dwarsligger. Het valt uit de toon en wordt er gewoon uitgewerkt. Weg met die dissonant. Verbannen uit de blije, zorgeloze wereld van de prettige, lage woorden.

Steeds meer druk komt erop het hoge woord te staan. Tot het niet meer te houden is. En dan ineens is het eruit. Daar, het is gezegd. Onherroeplijk hangt het in de ruimte en kan niet meer worden ontzegd. De spreker is opgelucht. Het onaangename is gezegd, en het werd ook wel eens tijd!

Even is het helemaal stil. Het hoge woord weerklinkt een tijdje na in de ruimte. Hoe potenter het woord, deste groter de reactie uit de omgeving. Als een heet kooltje wordt het over en weer gegooid. Alleen hele hete kooltjes gloeien lang genoeg om verdeling te kunnen zaaien. Maar de meeste doven te snel. En dan gaat het hoge woord weer op in het verstommende geroezemoes van de orde van de dag, weggesust door vele lage woorden. Het lage woord zet de middentoon. Het lage woord overheerst.

Powered by ScribeFire.

Advertenties