bron: zoom.nl

Vanochtend was mijn wereld weer eens in dichte nevels gehuld. De bomen langs het weiland waren vagen schimmen. Daarachter was alles verdwenen. Maar bepaalde dingen worden door de mist juist extra goed zichtbaar: Spinnewebben. Overal om me heen zag ik prachtige, glinsterende draden en witte webben. Vroeger, als ik door de mist naar school liep, dan maakte ik een lus van een soepel takje en ging dan spinnewebben vangen. Vooral die fijne, dichte webjes zijn mooi om te vangen. Na een stuk of 25 webjes krijg je een heel taai velletje. Sterker dan plastic. Dat ik het vlijtige werk van vele kleine spinnetjes had vernield, en dat ze geen vliegjes konden vangen en dus honger zouden krijgen, ging ik helemaal aan voorbij. Hoe wreed is dat?

Op deze mooie nevelige ochtend hadden de spinnen de auto alweer gebruikt om hun webben te verankeren. Het is natuurlijk weer volop spinnentijd, dus loop ik weer elke ochtend met mijn gezicht tegen onzichtbare draden aan. Zelfs als ik met mijn armen voor me uit zwaai. Dankzij de mist kon ik nu wel precies zien waar die draden liepen. Dus ik manouvreerde mezelf over en onder de draden om ze niet kapot te maken. Maar om in de auto te kunnen stappen moest ik toch echt het portier open maken. Daar ontwrichtte ik dus het eerste web. Onbruikbaar viel het in de buxuscubus. Total loss. En toen ik even later achteruit de oprit afreed, trok ik ook de andere spinnewebben mee. Eén voor één schoten ze los. Wat een drama! En ik doe het morgen ijskoud weer. Hoe wreed is dat?

Webben vangen doe ik al lang niet meer, en misschien moest ik het mijn kinderen ook maar niet leren. Maar de auto laat ik niet staan. Misschien moet ik de auto vanavond maar eens met groene zeep insmeren. Zou dat helpen? Ach, wat huichel ik nou toch weer. Ik griezel van spinnen. Als ik eerlijk ben koester ik niets dan wreedheid tegen spinnen. Het schijnt dat chimpansees dat ook hebben. Zie je wel, Darwin heeft dus weer gelijk.

Powered by ScribeFire.

Advertenties