Maand: februari 2012

Uitgerekend nu

Ieder jaar wisselen wij te vroeg
De Aarde heeft haar ronde nog niet af
Van lente naar herfst en terug
De Aarde neemt er écht de tijd voor
De échte tijd ijlt na op onze werkelijkheid
Maar in werkelijkheid is onze tijd achterhaald
Er blijft ongeconsumeerde tijd over
Tijd die nog moet worden geleefd
Tijd die niet ten gelde is gemaakt
Iedere vier jaar krijgen we kliekjestijd
Inhaaltijd, schrikkeltijd, uitgerekend nu
Om in de pas te springen met het universum
Staan we allemaal even stil
Leef even heel bewust, uitgerekend nu

Ontwapend

Ik zeg niks”, zegt zij. Hij wil bijdehand terugwerpen dat ze zichzelf tegenspreekt, maar zegt niks terug. Hij kijkt haar alleen aan met een blik waarvan hij hoopt dat het een onverschillige is. Zij doet daarop driftig haar armen over elkaar en kijkt hem verbeten aan. Hij opent zijn handen en trekt zijn wenkbrouwen op. Even gaat zijn mond open, maar hij klemt zijn kaken meteen weer dicht.

“Ja, ik zeg dus niks”, zegt zij weer. Hij moet dat blijkbaar wel doen, maar vertikt het. Zijn lichaam werkt alleen niet mee. Zij trekt heel overdreven haar schouders op en doet hoofdschuddend haar mond open met haar tong half naar buiten. Hij klemt zijn kaken weer nijdig op elkaar en ontspant zijn schouders terwijl hij zijn longen door zijn neus leegblaast. Ook sluit hij zijn ogen om ze enkele tellen later weer rustig te openen. Zij kijkt nu nijdig door het raam naar buiten, de armen nog steeds over elkaar. Haar linkerbeen wipt over haar rechter knie.

Nu wendt hij zijn gezicht ook af en kijkt ook naar buiten. Twee mezen fladderen driftig rond een vetbol die hij in de boom heeft gehangen. Vanuit het niets springt daar ineens de kleine poes door de lucht, de zwaartekracht om de tuin leidend. Haar voorpoten maaien naar de fladderende mezen. Ze mist er eentje op een veertje na en wordt dan weer door de zwaartekracht teruggegrepen. Pardoes dondert poes, kat-onwaardig midden in een struik. Dolkomisch natuurlijk en hij schiet in de lach en zij tegelijkertijd ook. Hij kijkt naar haar en ze heeft de tranen op haar gezicht staan van het lachen.

“Stomme kat ook”, zegt hij en denkt dat het ijs nu weer is gebroken. Ze zit nog steeds te schuddebuiken en kan haar lachen nauwelijks onderdrukken. Dikke tranen biggelen over haar wangen. Maar ze wil helemaal niet lachen, en zoals alleen vrouwen dat kunnen, lukt het haar om tussen de lachstuipen door ook kwaad naar hem te kijken. Plotseling vindt hij haar oneindig lief. Hij is ontwapend en slaakt de diepste zucht ooit. Dan zegt hij zacht: “o…kee….”.

De buurtheks

Ze noemden haar de buurtheks. Regelmatig zag je haar in haar wildernis die ze tuin noemde kruiden verzamelen. Alle kinderen wisten zeker dat er in haar keuken geen fornuis stond, zoals bij normale mensen, maar een open vuur met een grote ketel erboven. En natuurlijk had ze zelfs een spinnenkwekerij en moesten haar kinderen iedere dag een boterham met spinnenpootjes eten. Uiteraard kon ze met katten praten.

Zelf kwam ik regelmatig bij haar over de vloer, want ik was vriendjes met haar zoon. En hoewel het opzich een bijzonder gezin was, heb ik die ketel nooit zien hangen in de keuken. Er stond toch echt een gewoon fornuis. Spinnen zag ik er wel, in de tuin, maar die werden niet op brood gesmeerd. Dat werd door andere kinderen dan uitgelegd met: “Ja, maar ze betovert je met zelfgemaakte heksenlimonade zodat je ziet wat zij wil dat je ziet”. 

Ze maakte wel heel veel zelf, en ze wist en kon alles beter. Als je haar trots iets liet zien dat je zelf had gemaakt, dan kon je er gif op in nemen dat ze dan zou zeggen: “je moet het eens zo en zo proberen” of “je moet eigenlijk…”. Ze had niet eens door hoe kleinerend dat op anderen overkwam. Ik had het dan ook wel met mijn vriendje te doen. Maar niet langer toen ik zag dat hij zijn moeder’s gewoontes begon over te nemen. Het werd een arogant en dominant ventje. Einde vriendschap natuurlijk.

Ik vroeg me laatst ineens af hoe het met hem zou zijn. Waarschijnlijk heeft hij, net als zijn moeder, een mak lammetje uitgezocht om mee te trouwen. Om te betuttelen en te beleren. Zijn vader was namelijk een sullige goedzak die zijn vrouw verafgoodde. In de ogen van zijn vrouw kon hij niks goed doen, en dus later ook niet in de ogen van zijn zoon. De brave man beantwoordde hun toorn altijd met een gedwee “ja lieverd” of “nee lieverd”. Ze had hem vast betoverd, de heks.

Stoute schaatsen

Stoute ik: Pik in, ’t is winter, werken kan altijd nog. Tsjakka! De ijslaag wordt er echt niet dikker op!

Brave ik: Nee mijn jongen, dat kan echt niet. Wij weten het beter. Wees verantwoordelijk!

Stoute ik: Ach, durf toch eens gek te doen man en te leven bij het moment! Bij de volgende strenge vorst ben je te oud!

Brave ik: Luister niet naar die popie praatjesmaker. Als het aan hem ligt wórdt je niet eens oud.

Stoute ik: Tut-tut-tut braverikje toch. Ben jij z’n moeder ofzo? Wat heeft oud worden voor zin, als je niet lééft.

Brave ik: Ik heb alleen maar het beste met hem voor, maar jij daarentegen…

Stoute ik: …ja ja, ik ben weer de slechterik. Prima, ik neem alle verantwoordelijkheid. 

Ik: eh…ik heb vorige week een ontzettend drukke week gehad en gisteravond ook nog zitten werken…

Stoute ik: Top! En nu pluk jij gewoon lekker de dag!

Brave ik: Mark, luister nou toch niet naar die flierefluiter…

Ik: Nee brafie, ik luister nu es effe een keertje níet naar jou! 

Stoute ik: Yessss! Wooot! Yiiiiihaaaaw! That’s the spirit!

Brave ik: Och…snotterdesnotter…jongen toch, doe het niet.. Snifsnif. Je krijgt er later vreselijke spijt van…

Ik: Schei toch uit met dat gesnotter. Ik dóe het. Ik krijg er spijt van als ik het níet doe. Deze jongen trekt vandaag de stoute schaatsen aan!


IJs voor de Koorts der Koortsen

De koorts der koortsen is weer uitgebroken, en het is blijkbaar besmettelijk. De koorts wordt verspreid via internet, kranten, radio en televisie. Maar weinigen zijn er tegen opgewassen. Het maakt niet uit hoe nuchter je bent, de koorts laat je niet koud. De strenge vorst stijgt ons naar het hoofd en maakt dat we hunkeren naar ouderwetse, oer-Hollandse taferelen. De Koorts vinden we eigenlijk best cool.

En hoezo Euro-crisis? De dikte en kwaliteit van het Friese ijs zijn nu veel belangrijker. Als er al ergens de crisis over is losgebarsten is het over het wel of niet ingeloot zijn voor deelname aan de Elfstedentocht. Koortsachtig poetst half Friesland het ijs op de route van de Tocht der Tochten schoon en wordt met blote nagels het aangekoekte sneeuw van het ijs gekrabd. De rest van Nederland ziet het machteloos aan vanaf hun banken en hangt aan de lippen van Gerrit Hiemstra voor hoopgevende ijsstatistieken. We snakken naar die Elfstedentocht, maar het ijs is nog te zwak. Het is ijscrisis!

Maar u bent niet machteloos! U kunt Nederland helpen aan de Elfstedentocht die het zo bitter nodig heeft. Er is een ijsinzamelingsactie gestart voor het verstevigen van de zwakke plekken en het dichten van de wakken. Zet daarom vanavond al het ijs op de stoep dat u kunt missen, zoals ijspegels, uitgebikte tuinvijvers, bevroren waterleidingen, ijsklontjes (maakt niet uit of ze al gebruikt zijn in de bacardi, whisky, vodka, bayley’s) of wat dan ook als het maar ijs is. Alle ijs is welkom: ijs voor de Koorts de Koortsen.

Sascha de Boer versus Lange Frans

Wat hebben onze NOS nieuwslezer Sascha de Boer en rapper Lange Frans met elkaar te maken? Op dit moment nog niks, maar als het aan mij ligt gaat Sascha in logopedische therapie bij die lange rapper. Misschien moet hij haar leren rappen in straattaal. Misschien dat ze dan dat afschuwelijke, Gooise erretje kwijtraakt.

De Nederlandse R hoort namelijk fatsoenlijk te rollen, vind ik. Mensen die de R stevig kunnen laten rollen genieten meteen mijn respect, net als mensen met en stevige handdruk. Net zomin als ik hou van een klef en slap handdrukje, hou ik ook niet van een klef en slap uitgerold erretje. Het toppunt is nog wel dat de mensen die die slappe R bezigen de R meestal op twee manieren uitspreken. Een prachtig woord als “rabarber” begint dan met een soort Franse, achterin-de-keel-R en heeft twee slappe erren. Getverrrrr.

Sascha de Boer – die overigens een geheimzinnig glimlachje heeft waar de Mona Lisa een puntje aan kan zuigen – beheerst de moderne, slappe R als geen ander. Alhoewel, “beheersing” is hier een slechte keuze. Het is eerder een gebrek aan beheersing. Slap gedoe is het gewoon. Ik erger me al sinds Kinderen-voor-Kinderen aan de slappe R en had eigenlijk alle hoop op verbetering opgegeven. Mijn eigen kinderen slap-erren vreselijk mee en ik corrigeer ze nauwelijks nog. Zelf hou ik wel moedig stand en blijf daadkrachtig rollen (en ik geef een stevige vijf).

En dan komt er ineens hoop uit een onverwachte hoek: de Nederlandse rapmuziek. Ik ben geen uitgesproken fan van de Nederlandse rapmuziek, maar hun erren zijn echt fenomenaal. En je hoort de jeugd deze nieuwe strakke erren overnemen. Daarom stel ik voor dat Sascha leert rappen. Of zullen we gewoon Lange Frans nieuwslezer maken? Ik zou het heel verrrrfgissont vinden.