Ooit, toen ik nog een kleine jongen was, zwoer ik om nooit principieel te worden. Als ik al een principe zou hebben dan was het om geen principes te hebben. Desalniettemin ben ik nu toch best wel een heel principieel mannetje. Te principieel. Ik ben zelfs principieel principieel. Uit puur principe klamp ik mij vast aan principes, ook al zitten ze in de weg. Ouwe-lullen-gedrag.

Toch kan een mens niet helemaal zonder principes. Je wordt er door gedefinieerd en daar is in principe natuurlijk niets mis mee. Het principe van een principe is als volgt: het is een regeltje, een afspraak met jezelf en/of met anderen waar je in het dagelijkse leven naar handelt. Goeie principes verhogen de kwaliteit van het leven. Overmatige, ja obsessieve principialiteit maakt een mens vervelend. Dan wordt je een zeikerd en een mierenneuker. Dan verziek je het leven van anderen en op de koop toe die van jezelf.

Zeikprincipes zouden eigenlijk principieel (die twee woorden leunen tegen elkaar) vermeden moeten worden. Misschien helpt het als ik vanaf nu ook het volgende principe hanteer: in principe moet ik eigenlijk niet zeiken en onnodige principes gewoon lekker overboord gooien. Daar wordt iedereen gelukkiger van.

Tot slot nog deze ouwe mop over het verschil tussen “eigenlijk” en “in principe”:

Jantje: “Papa, wat is het verschil tussen ‘eigenlijk’ en ‘in principe’?”
Papa: “Om je dat uit te leggen moet je even een experiment doen. Vraag maar eens aan je moeder en je zus of ze het voor 1 miljoen met de buurman zouden doen”.
Zo gezegd zo gedaan. Jantje gaat naar zijn moeder en vraagt: “Zou je het voor een miljoen met de buurman doen?”.
Jantje’s moeder denkt na en zegt: “een miljoen is een boel geld, daar zou ik het wel voor doen ja”.
Ook aan z’n zus stelt Jantje de vraag:  “Zou je het voor een miljoen met de buurman doen?”.
En z’n zus antwoordt: “iiieeeuw, maar voor een miljoen zoe ik het wel doen denk ik”.
Jantje vertelt dit aan z’n vader, waarop deze zegt: “Kijk, dat is dus het verschil: in principe zouden we dus 2 miljoen euro rijker kunnen worden, maar eigenlijk wonen er twee hoeren bij ons in huis”.

Advertenties