– jaaaa, die is óók niet van gisteren hoor
– hoezo, óók niet?
– nou gewoon, omdat het niet normaal is
– wát is niet normaal?
– van gisteren zijn natuurlijk!
– mag je niet van gisteren zijn dan?
– nee slimmerd, dat probeer ik je dus duidelijk te maken!
– van wanneer mag je dan wel zijn?
– wat bedoel je?
– nou, mag je bijvoorbeeld wel van éérgisteren zijn? of van vorige week of vorige maand?
– eh, wat?
– ik bedoel of het alleen om gisteren gaat
– eh, ja, ‘k geloof het wel, maar eh…
– dus als je van gisteren bent hoef je alleen maar tot morgen te wachten om weer normaal te worden?
– hè, wat bazel je nou man??
– laat maar, morgen snap je het wel

Advertenties