Auteur: Mark Nankman

Holistische doendenker & verwoed blogger

Life saving

Het user interface van het leven heeft geen undo-knop. Voor zover ik weet tenminste. Zou het niet handig zijn als je even de vorige versie van je leven kan herstellen na het maken van een leeffoutje? Soms zou ik willen dat ik opnieuw kon beginnen vanaf een punt waarop ik mijn leven had opgeslagen. Een backup-functie van je leven tot dusver. Oeps, ik rij tegen een boom. Morsdood. Het Life Operating System maakt een core dump van jouw bewustzijn en je komt terecht in de “Dialog of Death” (de blue screen of life…). Ik zie dit voor me als een hal met een aantal deuren. Een blauwe hal uiteraard. Op de muur staat een boodschap: “U bent helaas overleden. Wilt u uw opgeslagen leven hervatten? Stap dan door deur A (op die deur staat de datum van je laatste life backup). Wilt u uw dood definitief maken? Stap dan door deur B”.

Jezelf tegen een boom te pletter rijden is wel een zeer dom leeffoutje natuurlijk, maar als je weet dat je terug kunt naar een opgeslagen versie van je leven, dan kun je je alle roekeloosheid veroorloven. Ik had het hierboven over “leeffoutje”. Roekeloos rijden vind ik geen “foutje” waarna je een tweede kans zou moeten krijgen. Ik dacht zelf eigenlijk meer aan foutjes die niet per se tot je overlijden leiden. Ik dacht aan foutjes in de spijthoek. Oeps, ik heb de verkeerde studie gekozen. Oops, I voted for Brexit. Oeps, ik vergat de verjaardag van mijn schoonmoeder. Oeps, mijn relatie is op de klippen gelopen. Op zulke momenten druk je dan op die handige undo-knop. Je komt terecht in de “Dialog of Regrets”. Ik zie weer een blauwgekleurde hal met deuren. Op de muur staat een eenvoudige boodschap: “Weet u zeker dat u de vorige versie van uw leven wilt herstellen? Kies dan deur A (wederom met de backup-datum erop). Wilt u leven met de fout die u zojuist heeft gemaakt? Kies dan deur B”.

Betekent dus dat je regelmatig een backup moet maken van je leven. Je moet je er dus van bewust zijn dat je iets in de komende periode zou kunnen gaan doen waar je spijt van zou kunnen krijgen. Voor je aan je aan een studie begint. Voor je gaat stemmen. Voor je met vrienden gaat stappen. Voor je gaat trouwen. Ik zou denk ik elk uur uit voorzorg automatisch een backup maken. Echt iets voor mij. Altijd een oplossing voor stommiteiten. Ach, het is maar goed dat het niet kan. Het zou de waarde van het leven enorm naar beneden trekken. Je zou er onverschillig van worden. Het leven teveel voor lief nemen. Yolo is een holle klank. Life Saving is dus slecht voor het leven. Maar toch, ik zou best een uitzonderingetje willen.

Advertenties

Zelfanalyse

Het overkomt me vaak dat ik ineens door heb dat ik mezelf zit te observeren. Alsof ik mijn eigen patiënt ben. Als een soort onafhankelijke ik, neem ik mijzelf op een vreemde, psychoanalytische manier waar. In mijn hoofd maak ik mentale notities. Zo van:
– drinkt uit gewoonte veel koffie,
– laatste tijd snel emotioneel van slag, compenseert goed vanuit veerkracht,
– denkt aan vroeger, voelt zich weemoedig,
– heeft zelf toch ook rancuneuze gedachten,
– is zich bewust dat hij net te snel oordeelde, en verontschuldigt zich daar voor,
– loopt veerkrachtig, voelt zich nu zelfverzekerd,
– heeft al veel minder het gevoel altijd op zijn hoede te moeten zijn,
– is zich bewust van zijn zelfanalyse en vraagt zich af of dat wel normaal is.


Last minute vlucht

Op de dag voor oudjaarsdag boekte ik, last minute, een overnachting in een hotelletje ergens in Duitsland. Haus am See, heette het hotel. Op oudjaarsdag, rond een uur of 2 ’s middags, vertrok ik. Ik hoefde niet ver, en dat wou ik ook niet. Na een uurtje kwam ik al aan bij het hotel. Het lag inderdaad direct “am See”.

Ik weet eigenlijk niet zo goed wat me ertoe bewoog om dit te doen. Dat klopt niet helemaal. Een deel van mijn beweegredenen weet ik prima. Ik wou er gewoon even tussen uit. Ik liep al sinds november met het idee om rond de jaarwisseling niet thuis te zijn. Maar dat was eigenlijk ook meteen het voornaamste: niet thuis hoeven te zijn.

En ik wilde alleen zijn. Niemand om me heen. Geen vrolijk en gezellig uiteinde met familie en/of vrienden. Ze wisten al een tijdje dat ik al “plannen had” met oud en nieuw. Dat had ik al laten doorschemeren. Op het allerlaatste moment heb ik nog even getwijfeld, maar thuis blijven was geen optie.

Zo kwam het dat ik op oudjaarsdag, rond het einde van de middag einsam rond kuierde in en in de omgeving van het oude Hanzestadje Haselünne. Het was er erg rustig. Alle winkels waren gesloten, en de meeste restaurants ook. Tegen vijven liep ik het enige restaurantje in dat wel open was, en vroeg om een tafeltje voor één persoon. Leider waren alle tafels gereserveerd, maar ik mocht wel bij een klein tafeltje bij de ingang zitten.

Daar maakte ik dankbaar gebruik van. Ik bestelde een biertje en een pizza. Niks mis mee. De binnendruppelende gasten die hadden gereserveerd groetten mij vriendelijk en wensten me Guten Apetit. Dat kon ook niet anders, want ik zat direct bij de ingang. Al snel zat het hele restaurant vol en keek ik tijdens het eten om me heen. Allemaal mensen die het gezellig hadden met elkaar.

Toen ik de espresso op had, rekende ik af en zwierf wat door de straatjes van het stadje. Ik bedacht dat ik hier zonder mijn opwelling waarschijnlijk nooit naartoe was gegaan. Dat ik hier liep was louter toeval. Het begon een beetje te regenen, dus ik liep terug naar het hotel. In mijn kamer doodde ik de tijd met lezen en televisie kijken.

Toen het tegen twaalven liep, ging ik weer naar buiten en liep als een dief in de nacht naar een bruggetje over de Hase. Daar had ik ’s middags ook gestaan en bedacht dat ik hier mooi naar het vuurwerk kon kijken. En daar had ik gelijk in. Toen de vuurpijlen zo langzaamaan op begonnen te raken liep ik terug naar mijn hotelkamer. Halverwege moest ik plotseling lachen om mezelf. “Du bist mir einer!”, riep ik lachend. Kein Hund die me kon horen, dus…

Na een vlug ontbijtje met slappe koffie, maar verse warme Brötchen reed ik naar Sögel om daar door de tuinen van Schloss Clemenswerth te wandelen. Het kasteel zelf was natuurlijk gesloten, maar dat wist ik. Het lag er verlaten bij. In de tuinen speurde ik naar verborgen schatten (geocaches) en vond ze. Terwijl ik naar de auto terug liep klonk de bel van de kapel. Mijn auto was nu vergezeld door veel grotere Duitse vehikels waaruit bedaarde zwart geklede mensen stapten.

Mijn kleine reisje zette zich voort richting het gat “Drögen”. Ik navigeerde namelijk naar de coördinaten van een andere een schat op mijn schatkaart. Op de plek waar ik uit kwam werd ik op slag verliefd. Ik sta op een voetgangersbrug over de Hase die zich hier dramatisch door het landschap slingert. De zon wist op dat moment door het grijze wolkendek te breken en ik hoorde mezelf wederom hardop lachen. Geluksvogel die ik ben.

En dan rij ik maar weer eens rustig naar mijn kleine appartementje in Nederland terug. Als ik weer thuis ben, voel ik me voldaan. Mijn gevoel past weer tussen mijn muren. Dat was denk ik het hele eiereten. Mijn gevoel had ruimte nodig. Dus moest ik de boel even ontvluchten, zodat mijn gevoel kon luchten. En dat is prima gelukt.

Gelukkig nieuwjaar lieve lezers. Hou van jezelf en pluk het geluk. Je vind het in het nu.


dat wel

Het had eigenlijk de hele vakantie geregend. Het aantal uren dat we de zon zagen konden we op één hand tellen. We weten nu zeker dat de tent waterdicht is, dat wel.

Door de schuifpui te forceren wisten de inbrekers binnen te komen. Ze roofden zowat de halve woonkamer leeg. Het was een ravage. Zelfs het vloerkleed was weg. Waarschijnlijk om de flatscreen TV in mee te nemen, zei de politieagent. Ze sprongen dus voorzichtig met de gestolen spullen om, dat wel.

De bliksem sloeg in de boom in de tuin van de buren en viel daardoor precies op de net opgeleverde nieuwe uitbouw van onze woonkamer. Die boom zou volgende week worden gekapt om meer licht in de tuin te krijgen. Die klus konden we ons dus besparen, dat wel.

Wij Nederlanders kunnen toch altijd weer rekenen op ons ingebouwde cynisme op de momenten dat we wel een lichtpuntje kunnen gebruiken, dat wel.

Het jaartje wel

Het was me het jaartje wel zeg, 2018. Een jaartje vol heftige schokken. Zo heb ik 2018 in ieder geval ervaren. Ik voel me als een boerderijtje midden op het Groninger platteland. Zichtbaar gescheurd, maar koppig staand gebleven.

Een jaartje ook dat met duizelingwekkende vaart voorbij vloog. Ik zat in een achtbaan. Mijn treintje klom tikkend over de rails, tot in de grijze wolken. Om me daarna onvermijdelijk weer de diepte in te trekken. Gierend werd ik door driedubbele loopings gejaagd. Veel overtollige ballast slingerde zo van me af, dat wel.

2019 mag van mij dan dus doodsaai zijn. Een doodnormaal jaar. Een jaar waarin ik naar hartenlust ontmoeten kan. Een langdradig jaar dat maar niet om wil. Een slak van een jaar. Een jaar met een eindeloze voorraad morgens. Zodat ik op 31-12-2019 een blog zal kunnen posten getiteld “het jaartje niet”.

Naast mezelf

Kiezen voor jezelf, wat is dat? En hoe doe je het? Volgens mij heb ik het al gedaan, maar omdat ik niet anders kon. Ik kwam terecht in een diepe crisis. Ik was mezelf totaal verloren. Ik kón niet anders dan kiezen voor mezelf. Het was eigenlijk geen keuze. Het was mijn laatste optie.

Kiezen voor jezelf betekent dat je jezelf voorop zet. Dat lijkt me de theorie. Maar in mijn praktijk word ik voortdurend geconfronteerd met schuld. Voor mijn gevoel laat ik iedereen in de steek. Maar ik kan er toch niet zijn voor anderen als ik er niet kan zijn voor mezelf?

Ik merk dat het me moeite kost om mezelf oprecht te waarderen. Mensen die dichtbij me staan moedigen me aan en zeggen dat ik trots op mezelf mag zijn. Ik ben van heel ver gekomen. Ik probeer daar trots op te zijn. Maar een zware “maar” trekt me steeds naar beneden: “maar ik heb alles kapot gemaakt”.

Dat onmetelijke schuldgevoel trekt mij steeds weer bij mezelf vandaan. Het trekt me weer terug in de richting van de troosteloze, donkere kerker waar ik nog niet zo lang geleden uit ben ontsnapt. Ik had mezelf daar natuurlijk vastgeketend. De kleine ellendeling.

Nu loopt die kleine ellendeling dus los. Als ik even niet oplet neemt het de overhand. Kijkt naar buiten door mijn ogen en laat me steeds huilen. Iemand zei tegen me dat ik dus van die kleine ellendeling moet houden. “Wees lief voor hem. Neem hem overal mee naartoe. Stel je voor hoe hij naast je zit in de auto. Hij mag er zijn”.

En toen viel er een kwartje. Halleluja. Ineens begreep ik dat je niet zonder onvoorwaardelijk liefde voor jezelf, anderen echt onvoorwaardelijk lief kunt hebben. En in dat glasheldere moment besefte ik dat ik niet boven mezelf, ook niet tegenover mezelf, maar naast mezelf moet staan.

Doorvertalen

Het handige van Google Translate is dat je teksten die in een voor jou onleesbare taal staan, even snel naar je moedertaal kan vertalen. GT doet heel erg zijn best, maar maakt soms heel grappige foutjes. Het wordt leuk als je GT gaat voeden met zijn eigen (mis)baksels. Neem nou dit onschuldige Nederlandse zinnetje:

Terwijl hij de gelaarsde kat uit de boom keek viel de appel niet ver van de boom op zijn kop.

Als ik dit met Google Translate naar het Engels vertaal krijg ik:

As he watched the booted cat from the tree, the apple fell not far from the tree.

Een beetje een kromme vertaling. Ik zou niet zo snel “fell not far from” zeggen. Wat opvalt is de toegevoegde komma tussen de twee delen van de zin. Die komma is daar heel intelligent neergezet. Maar “op zijn kop” is niet eens mee vertaald. Als ik deze vertaling weer (met GT) naar het Nederlands doorvertaal, krijg ik:

Terwijl hij de opgestoken kat vanuit de boom gadesloeg, viel de appel niet ver van de boom.

Van gelaarsde kat naar opgestoken kat. Ik zie dat voor me. Steek je kat op als je het antwoord weet. Opgestoken katten sla je bovendien blijkbaar gade. Als ik dit dan weer laat doorvertalen naar het Engels wordt het:

As he watched the raised cat from the tree, the apple did not fall far from the tree

Nu wordt het pas “did not fall far from”. Het was eerst “fell not far from”, maar blijkbaar moet je even een paar keer doorvertalen voordat dat goed komt. En weer door naar het Nederlands:

Terwijl hij naar de opgeheven kat van de boom keek, viel de appel niet ver van de boom

De kat wordt niet langer uit de boom gekeken. Maar goed, ze is dan ook al opgeheven.