OBA

Autist

Ben ik een autist? Die vraag gaat de laatste tijd vaak door mijn hoofd. Persoonlijk denk ik eigenlijk niet dat ik uitgesproken autistisch ben. Misschien lichten bepaalde kenmerken uit het autismespectrum bij mij een ietsiepietsie meer op dan bij anderen.  Als ik de kenmerken van autisme bij volwassenen af ga, herken ik mezelf maar in een paar dingen:

Ja, ik heb de neiging om taal letterlijk te nemen.
Ja, ik ben vrij gevoelig voor geluid.
Ja, ik heb een slecht inlevingsvermogen.
Ja, ik hou stevig vast aan mijn eigen overtuiging.
Ja, ik hoor niet altijd alles (vooral dingen die me niet interesseren) en vergeet dingen die mijn interesse niet hebben
Ja, ik heb een sterke behoefte aan structuur en regelmaat.
Ja, ik kan vrij slecht tegen veranderingen in mijn leefomgeving.
Ja, ik breng graag tijd alleen door.

Bepaalde kenmerken heb ik juist de negatief van. Zoals de communicatie tot de essentie beperken. Ik ben juist een uitgesproken praatjesmaker. Als het gaat om taal kan ik een enorme pietlut zijn, maar over het algemeen heb ik juist heel weinig oog voor detail, eerder het tegenovergestelde. Ik ben van de grote lijnen. Liefst rechte. Je zou kunnen zeggen dat ik daar wél de essentie op zoek.

En bij een sociale vaardigheidstraining heb ik ooit eens te horen gekregen dat ik mensen zo intens aankijk dat ze er nerveus van worden. Sinds ik dat weet hou ik daar rekening mee en kijk regelmatig even weg. Daarom neem ik altijd een notitieblok mee. Dan kan ik daar af en toe even in kijken. Ik maak trouwens nauwelijks aantekeningen, want anders hoor ik nóg minder van het gesprek.

Dus, ben ik autistsch? Ik denk zelf van niet. Jazeker, ik ben rechtlijnig en absolutistisch. Ik geloof trouwens dat ik in wezen helemaal niet absolutistisch ben. Ik kwam niet absolutistisch op de wereld, maar ik ben zo verworden. Het is een laag die ik om mijn miskende zieltje heb gemetseld en nu zo aan gewend ben dat ik daar mee vergroeid ben geraakt. Ik geef het mijn psychotherapeut te doen.

Advertenties

Depressie

Laatst legde ik aan iemand uit dat ik in een zware depressie was terecht gekomen. Terwijl ik dat zei kwam het woord “depressie” me ineens vreemd voor. Alsof er iets niet klopt. Alsof het helemaal niet past bij de toestand waarin iemand verkeert die diep in de put zit. Depressie betekent volgens mij letterlijk “drukverlaging”. Verlichting dus eigenlijk, en ontspanning. Maar als ik in de put zit voel ik het omgekeerde. In de put voel ik me zwaarmoedig en gespannen, en het is donker in de put.

In de meteorologie is een depressie een gebied met lage luchtdruk dat ontstaat in het grensgebied tussen twee verschillende luchtsoorten. Er kan dan een atmosferische stofzuiger ontstaan die de lucht opzuigt. Daar waar de lucht dan wordt weggezogen ontstaat een lagedrukgebied. De luchtdruk is daar verlaagd. In de kern van zo’n depressie is het heel rustig. Het waait bijna niet en de zon breekt zelfs door. Ja ja, verlichting! Maar het is vaak een voorbode voor slechter weer. De beruchte stilte voor de storm. Als zo’n depressie over het land trekt heb je ten Noorden en Zuiden van het depressiegebied sterke verschillen in weer en wind. Als een depressie lang op één plek blijft, dan blijven die sterke weersverschillen ook langer aan.

Ik begin parallellen te zien met het weer. Mijn depressie is ontstaan op het grensvlak van twee waarheden. Een hoog waarheidsgebied botste met een laag waarheidsgebied. Er ontstond een psychologische stofzuiger die mijn opgeblazen ego opzoog. Als ik door het land trek ontstaan er ten Noorden en Zuiden van mij sterke verschillen in humeuren en gemoedstoestanden. Als ik lang op één plek blijf hangen houden die sterke verschillen in gemoedstoestanden ook langer aan. Daarom is het maar goed dat ik ben weggedreven. Momenteel ervaar ik inderdaad rust en verlichting. Logisch, want ik ben zelf de kern van mijn depressie. Gisteren dreven de twee waarheidsgebieden weer te dicht naar elkaar toe en voelde ik de bui komen. Toen we weer uiteen dreven voelde ik de spanning verminderen. Het heeft nog wel wat gemiezerd bij me.

 

Echt, heeeel interessant

Zwijgend nipte hij van zijn cola. Eigenlijk had hij een alcoholvrij witbiertje besteld, maar die waren op. Een jonge Indiase man had zojuist vriendelijk hun bestelling opgenomen. Hij had een of andere hete curry gekozen waarvan hij de naam al weer vergeten was. Om de tijd te doden maakte hij een studie van één van de vele afbeeldingen van godin Lakshmi aan de muur naast hen. Alsof je hier vier armen nodig zou hebben om alles te kunnen eten. Hij lachte hardop om dat binnenpretje, maar zijn vrouw  keek er niet van op.

Naast hen werden toetjes geserveerd. In één van de ijscoupes stak zo’n sterretjesfontein dat een seconde of tien knetterde. De jarige aanschouwde het met een verrukte blik in haar ogen. Toen het ding was uit gesputterd zette de jonge Indiër een rechaud op de tafel van het zwijgende stel, en legde het benodigde bestek neer. De zwijgende vrouw glimlachte vriendelijk naar de Indiase jongeman en bedankte hem. Haar stem was zacht en warm. Hij maakte van het sprankje hoop dat dit moment hem gaf gebruik, en zei: “Wist je dat het op de maan ook naar buskruit ruikt?”. Met haar koudste stem zei zij: “Echt, heeeel interessant”.

 

Dit korte verhaaltje heb ik ingezonden voor de schrijfopdracht “#micromaan” bij Sweek.

 

Uit fase

 

Iedereen heeft een eigen belevingswereld, een eigen werkelijkheid. Dat mag! Het is zelfs niet gezond als je niet je eigen wereld hebt. Je moet goed zorgen voor je wereld. Jouw perspectief. Want jouw wereld draait om jou. Jouw wereld maakt jou. Met jouw wereld geef je een stukje momentum aan de grote buitenwereld die je deelt met alle andere mensen. Soms moet je wel eens tegen de wereld in draaien om verandering teweeg te brengen.

Mijn wereld is laatst nogal abrupt tot stilstand gekomen. Maar de grote buitenwereld om me heen draait gewoon keihard door natuurlijk. Dat ik met alle macht aan de noodrem trok had daar geen waarneembaar effect op. Ook de wereldjes van de mensen die dichtbij me staan draaien gewoon door. Ze zien mij wel, maar in het voorbij gaan. Bewogen en onscherp.

Door te verstillen (letterlijk) en diep naar binnen te kijken zie ik mezelf scherper dan ooit. Pijnlijk scherp. Wat ik zie is de naakte waarheid over mezelf. Zonder te oordelen. Het is wat het is. Het mag ook zijn wat het is. Het is alsof ik nu eindelijk de juiste combinatie van sluitertijd en diafragma heb gevonden om mezelf met de juiste scherptediepte te fotograferen. Ik zie nu alle nerven, grilligheden, vlekken en beschadigingen. Ik. Een blad aan een boom. Nog lang niet tijd om los te laten.

20171127_220751.jpg

De mensen om me heen zien mij nog onscherp. Alsof ze me door en beslagen ruit zien. Stel je voor dat jou lukt om een foto van mij te schieten, terwijl jij draait in je eigen snelle wereld. Je ziet een blad. Eentje van vele bladeren aan de boom. Omdat ik een blad ben weet je dat ik nerven heb, en grilligheden, vlekken en vast ook wel onvolkomenheden (want wie is er perfect?). Maar zie je het ook echt? Toen ik zelf nog heel hard rond tolde in mijn wereld zag ík het ook niet.

20171127_220928.jpg

Ik kom weer in beweging, maar langzaam. Nog tijdelijk in de war… Ik loop nog uit de pas met de rest van de wereld. Uit fase met mensen die me lief zijn. En ik zet ook niet meteen alle registers weer open. Sommige registers wil ik helemaal niet meer gebruiken, of voorlopig niet, of gewoon minder. En steeds als ik heel voorzichtig zo’n register open schuif, zie jij mij een beetje scherper. Alsof ik strepen trek over jouw beslagen ruitje.

20171127_212143.jpg

De Orde

Ik ben, zeg maar, van de orde der rechtlijnigen. Hartstikke blauw volgens De Caluwe. Niks mis mee. Ik kan het ook niet veranderen. Niet dat ik niet tegen rommeligheid kan, of chaos, daar niet van. Met dat rechtlijnige bedoel ik dat ik hou van voorspelbaarheid en structuur. Als iedere week min of meer hetzelfde is, ben ik gelukkig. Doe mij maar een fijne, vertrouwde sleur. Geen onverwachte fratsen. Daarom zie ik altijd op tegen vakanties. Die gaan namelijk lijnrecht in tegen mijn fijne sleurtje. Ze staan altijd ineens als de poes voor de deur stoïcijns te wachten tot ik haar binnen laat. Ik negeer haar zo lang als ik kan natuurlijk.

Gisteren keek ik met een half oog (probeer dat trouwens maar eens letterlijk…) naar weliswaar één van mijn favoriete TV-programma “Het Instituut“. In deze aflevering vroeg Joep van Deudekom zich af wat de beste manier is om oortjes te ontwarren. Joep zei op gegeven moment dat uit de test diverse methoden van ontwarren naar voren waren gekomen. En volgens hem had je natuurlijk ook de types die voorkomen dat hun oortje überhaupt in de knoop raakt, en dat hij van mening is dat je zulke types in het dagelijks leven maar beter kunt vermijden.

20171124_094959.jpg

Nou Joep, ik ben zo’n type en voel me aangesproken. Ik rol mijn oortjes altijd heel precies op zoals in bovenstaande foto. Dat is namelijk erg handig. Het voorkomt dat ik minuten lang van mijn leven verspil aan het steeds uit de knoop halen van oortjes. En het voorkomt draadbreukjes. Ik doe jaren met een setje oortjes. Dat is dus ook nog duurzaam. Of je mij in het dagelijks leven zou daarom moeten vermijden, vind ik een interessante mening. Het zegt vooral iets over jou zelf, Joep. Misschien hou jij niet van rechtlijnige types. Misschien moet je daar eens een test voor verzinnen. Zoiets als: hebben rechtlijnige mensen minder goede sociale vaardigheden. Verzin het maar Joep. Bij dezen meld ik me dan aan als proefpersoon. Lijkt me sowieso best leuk.

Maar misschien heeft Joep ook wel weer een punt. Mijn rechtlijnigheid heeft er wel voor gezorgd dat ik thuis even niet welkom ben. Ik ben veel te dwingend in mijn handhaving van De Orde. Handdoeken moeten precies zo opgevouwen zijn en liefst op volgorde van versletenheid op een stapel in de kast liggen. De oudste bovenop. De vaatwasser moet je precies zo en zo inrichten zodat er zoveel mogelijk in past en dat alles goed schoon en droog wordt. Glazen, borden en kopjes moeten precies zo en zo in de kast staan. Schoenen, tassen en stripboeken mogen niet rondslingeren. Eigenlijk mag niks rondslingeren. Ik ben van de efficiëntie en effectiviteit. Risicomijdend en doelgericht. Dus, ja Joep, kom mij maar niet tegen. Want ik ruim je op!

Toveren

Als hij kon toveren
kwam alles voor elkaar
Als hij kon toveren
was hij never nooit meer de sigaar
Als hij kon toveren, kon toveren, kon toveren
dan was alles dat gezegd wordt altijd waar

Hij had een eigen man cave,
waar zijn eigen drumstel stond
En hij kon eeuwig blijven leven,
leefde met zijn kinderen mee
En auto’s reden niet meer op fossiele brandstoffen,
maar op klimaatneutraal gekweekte, fair trade appelmoes
En hij zou niet hoeven afleren,
wat bij hem eigenlijk was vastgeroest

Als hij kon toveren
kwam alles voor elkaar
Als hij kon toveren
dan was het altijd mooi weer (zodat hij het niet meer hoefde te spelen)
Als hij kon toveren
dan was geen mens milieuvervuilend (en was al ons voedsel plantaardig)
Als hij kon toveren, kon toveren, kon toveren
dan waren alle mensen gelijkwaardig

Zijn vrouw zou ineens begrijpen
Waarom hij zo kinderachtig deed
En iedereen zou heel hard juichen
bij alles wat hij deed
en ’s winters was het heel lang licht
en werd dus niemand depressief
en iedereen wordt altijd gelukkig
en niemand werd geboren met aanleg voor dominant gedrag

Als hij kon toveren
dan was hij altijd positief en onbevooroordeeld (en zou alles beter worden)
Als hij kon toveren
deed hij altijd heel verstandig (en had zijn financiën op orde)
Als hij kon toveren, kon toveren, kon toveren
dan was iedereen dik tevreden over zichzelf

Maar aan een toverspreuk van die absurditeit
was hij veel teveel geld kwijt (wat hij beseft omdat hij daar nu wel mee om kan gaan)
En naar zo’n ongelooflijk toverboek
was hij ze hele leven al tevergeefs op zoek
En voor die hele cursus toverij
heeft hij natuurlijk helemaal geen tijd
Hij stelt het vast weer eindeloos uit
Als hij al tot het inschrijven besluit
Ja zelfs de opa van zijn vader
stelde alles uit tot later

Als hij kon toveren
kwamen hij en zijn gezin weer bij elkaar (en niemand maakte ruzie)
Als hij kon toveren
deed hij nooit meer zo raar  (en was af van zijn obsessies)
Als hij kon toveren, kon toveren, kon toveren
dan werd zijn psychische kronkel een rotte kies zodat hij ermee naar de tandarts kon gaan voor een wortelkanaalbehandeling en kwam alles voor elkaar

 Motivatie

20171113_110824.jpg

Goed, ik bivakkeer nu al zo’n week of 4 in een hutje aan de hei. Ergens halverwege viel de bodem onder me vandaan. Mijn hele zelfbeeld in duizend stukjes. Ik had het einde van mijn Latijn bereikt. Ik zat in een mentale en emotionele crisis waar ik zelf niet meer uit kwam. Gelukkig is er dan een soort intensive care voor geestelijk ingestorte zielepootjes zoals ik. En pilletjes waardoor je je eerst een tijdje totaal kut voelt, maar daarna wel weer redelijk happy.

Een heel team van verplegers houdt bovendien de vinger aan mijn pols. Twee maal per week komt er iemand van hen bij me op bezoek om me bij te staan en om mijn vele vragen te beantwoorden. Vragen van het type “hoe moet dat nou met…”, “wat moet ik nou doen als ik weer…” en “wanneer kan ik weer…”.  Allemaal vragen die liggen op het hellende vlak van demotivatie. Op een van die vragen kreeg ik als antwoord het advies om te gaan hardlopen omdat dat me helpt om gemotiveerd te blijven.

Dus ik ben gaan hardlopen. Ik ben er helemaal op de fiets (ik mag tijdelijk niet autorijden vanwege de pilletjes) voor naar Hoogeveen getrapt om een hardloop-outfit aan te schaffen. In de sportzaak liet ik me goed adviseren over de hardloopschoenen die ik nodig zou hebben. Met een speciale scanner werden mijn grote, blote voeten doorgelicht op doorzakking en platheid. Ik scoorde op allebei hoog. Maar gelukkig kon ik de winkel een tijdje later toch verlaten met een paar blitse schoentjes die mij de juiste stevigheid en demping geven. De uitgaven vormen op zichzelf al een heleboel motivatie om dan ook echt te gaan hardlopen. Ik zal iedere cent aan waarde er uit persen al is het het laatste wat ik doe!

Sinds de aanschaf van de hardloop-outfit heb ik er intussen al twee keer gebruik van gemaakt. De tweede keer was deze ochtend. En het werkt! De omstandigheden waren deze ochtend dan ook wel fantastisch. Heerlijk, zonnig en fris herfstweer. Dus de motivatie spat nu letterlijk van me af. En dat is fijn, want gisteravond had ik weer zo’n depri-bui en een hoofd vol met malende, argwanende en troosteloze gedachten. Tijdens het hardlopen (op een lekkere beat van muziek uit een playlist op Spotify die “Motivation Mix” heet) was ik al die demotiverende gedachten zo kwijt. Running rocks!