opdracht

Doe normaal man

Niet autistisch, niet hoog- of meerbegaafd, en ook niet hoogsensitief. Ik ben zowat het hele spectrum langs gegaan. Het werd een obsessie. Een kwelling. Niet normaal. Dus ik stop er maar eens mee. Het leidt ook niet echt ergens toe, ja, alleen tot het vermijden van het accepteren van wat ik wel ben: een normale man.

Dus nu zal ik me op mezelf moeten richten als een normale man. Deze ochtend heb ik het maar eens even geoefend toen ik voor de spiegel stond. Ik moest even turen voor ik de normale man zag. Of is het ook normaal dat een man zichzelf met één opgetrokken wenkbrauw aanschouwt? De man in mijn spiegel hield ook nog zijn buik in. Ook normaal?

Ook normale mannen raken snel geïrriteerd, verliezen hun geduld of kunnen zich maar op één ding tegelijk concentreren, om maar eens wat te noemen. En al die tijd zocht ik de oorzaak buiten mezelf. Al die tijd zocht ik naar een verklaring buiten mezelf. Maar die is er niet en heb ik ook niet nodig.

De man in mijn spiegel probeerde mijn blik te ontwijken, dus ik sprak hem vermanend toe: “Hee jij, kijk me aan!” De man in de spiegel keek me van onder zijn charismatische, grijze wenkbrauwen verscholen aan. En hij frummelde nerveus met zijn vingers. Maar ik had zijn aandacht, dus ik zei: “Ik ben klaar met die obsessies van je over autisme en zo. Doe normaal man!”. Het hielp ook nog.

Advertenties

Echt, heeeel interessant

Zwijgend nipte hij van zijn cola. Eigenlijk had hij een alcoholvrij witbiertje besteld, maar die waren op. Een jonge Indiase man had zojuist vriendelijk hun bestelling opgenomen. Hij had een of andere hete curry gekozen waarvan hij de naam al weer vergeten was. Om de tijd te doden maakte hij een studie van één van de vele afbeeldingen van godin Lakshmi aan de muur naast hen. Alsof je hier vier armen nodig zou hebben om alles te kunnen eten. Hij lachte hardop om dat binnenpretje, maar zijn vrouw  keek er niet van op.

Naast hen werden toetjes geserveerd. In één van de ijscoupes stak zo’n sterretjesfontein dat een seconde of tien knetterde. De jarige aanschouwde het met een verrukte blik in haar ogen. Toen het ding was uit gesputterd zette de jonge Indiër een rechaud op de tafel van het zwijgende stel, en legde het benodigde bestek neer. De zwijgende vrouw glimlachte vriendelijk naar de Indiase jongeman en bedankte hem. Haar stem was zacht en warm. Hij maakte van het sprankje hoop dat dit moment hem gaf gebruik, en zei: “Wist je dat het op de maan ook naar buskruit ruikt?”. Met haar koudste stem zei zij: “Echt, heeeel interessant”.

 

Dit korte verhaaltje heb ik ingezonden voor de schrijfopdracht “#micromaan” bij Sweek.