voorspelling

De weide

Tijdens een lange wandeling met een goede vriend hoorde ik mezelf zeggen dat ik nog lang niet uitgekeken ben op de weide waarin ik rond huppel, omdat ik nog lang niet aan alle bloemen had gesnuffeld. De weide stond in die zin voor het werk dat ik momenteel doe. Ik put er ontzettend veel levensplezier uit, en dat kan ik nog heel lang doen. Het is een uitgestrekte weide. Het reikt tot aan de horizon.

Ooit waren de goede vriend en ik collega’s. We konden het van meet af aan goed vinden met elkaar. We hebben hetzelfde gevoel voor humor. Zoiets schept meteen een band. Nu hebben we het type vriendschap waarin je elkaar soms jaren niet ziet, maar elkaar niet vergeet.

En omdat we elkaar niet uit het oog waren verloren, dwaalden we samen door het bos. Ons gesprek dwaalde ook alle kanten op. Het ging dan weer over toen, dan weer over nu. Toen waren we naïef en gelukkig. Nu waren we veel wijzer. Toen waren we collega’s. Nu zijn we lotgenoten.

Lotgenoten. Twee mannen met een gebroken hart. Om verschillende redenen, maar dat maakt niet uit. We zijn allebei uit een diepe put geklommen. We konden elkaar steunen. We konden ontboezemen. Het is fijn om ellende te delen met iemand voor wie dat heel erg herkenbaar en invoelbaar is.

We spraken over nieuwe inzichten in onszelf. Mijn bloemenweide die nog vol door mij onbesnuffelde bloemen staat, is zo’n inzicht. Mijn dwaalgenoot snapte precies wat ik bedoelde en zag zichzelf al vrolijk door zo’n weide huppelen. Hij zit momenteel zonder werk, maar vast niet voor lang. Hij ging mijn mooie zin onthouden, zei hij. Jij vindt weer een bloemenweide waar je vol passie doorheen kan huppelen, beloofde ik hem. Ik beloofde mijn ogen en oren voor hem open te houden.

We hadden het over geluk en liefde. Over warmte en genegenheid. Over hoe het ons daarin nu ontbrak. We waren heel open over hoe onbezonnen we in onze op de klippen gelopen liefdes waren gedoken. Misschien hadden we meer moeten scharrelen. We hadden er beter aan gedaan om eerst ook wat andere bloemen te besnuffelen. Maar we waren te onzeker. Te verlegen en te afwachtend. De bloemen werden vanaf een afstandje door ons bewonderd. Heimelijke liefdes die nooit opbloeiden.

Maar we spraken ook over hoop. Over toekomstige liefde. De weide staat vol bloemen. Kijk maar eens om je heen. Ik ga weer genegenheid en geborgenheid voelen, voorspelde hij. Hij raakte mijn gevoeligste snaar en ik werd er stil van. “Je hoeft je er alleen maar voor open te stellen”, zei hij. Eigenlijk geloof ik niet dat ik dat ooit weer kan. Bloemen zijn allemaal giftig. Dus ik laat het snuffelen en hou het voorlopig maar bij huppelen.

Advertenties

Praatjes

Vanochtend toog ik met mijn laptop onder de arm naar een zaaltje om een klein publiekje te trakteren op een praatje. Ik had een stuk of 40 slides voorbereid. Veel te veel dus, maar ik had dan ook onvoldoende tijd gehad om een kortere presentatie in elkaar te zetten.

Na de aankondiging door de gastheer, krijg ik het woord. Een mooi geschenk vind ik dat altijd, want ik krijg graag woorden. Dus ik stak lekker van wal en hoorde mezelf in de eerste minuut grappen: “okee, ik wil er graag een interactieve sessie van maken, dus ga ik eerst een half uur over mezelf praten, daarna een kwartiertje over het onderwerp van mijn praatje en dan mogen jullie vragen stellen, goed?”.

Er werd gelachen, omdat ze dachten dat ik een grapje maakte. Dat dacht ik zelf ook, maar mijn grapje bleek een nogal accurate voorspelling. Uiteindelijk lulde ik bijna het hele uur vol, en was er nog maar heel weinig tijd voor de discussie waar ik op uit dacht te zijn. Ik had dus veels te veel praatjes. Note to self: bereid de volgende keer het praatje voor alsof  ik maar de helft van de tijd heb die voor me is gereserveerd.

Wat als we ons nooit meer zouden vervelen

Ik heb er sinds een tijdje een nieuwe verslaving bij: BNR De Nieuwe Wereld. Dit is een radioprogramma dat de ontwikkelingen van onze samenleving in de verre toekomst beschouwt en met een select groepje slimme mensen (hoogleraren, ondernemers, et cetera) filosofeert over de betekenissen van die ontwikkelingen voor het bedrijfsleven. De formule is heel leuk: het begint met en nieuwsbericht uit de verre toekomst en vervolgens een stelling in de vorm: “Wat als ….”

Ik luister altijd naar een op het internet geplaatste opname van de radio-uitzending die ik download op mijn telefoon. Als “podcast” dus. Dat het ook live op de radio werd uitgezonden kwam ik zelfs onlangs pas achter. Ik zorg dat ik altijd een flinke hoeveelheid recente podcasts op mijn telefoon heb staan voor het geval ik me ergens sta, lig of zit te vervelen. Want dat mag natuurlijk niet, totdat ik (hoe kan het ook anders) deze opgenomen uitzending van De Nieuwe Wereld beluisterde: Wat als we nog maar 4 uur slaap nodig hebben.

Het was een interessante sessie over de 24-uurs economie en een maatschappij waarin mensen nog maar 4 uur slaap nodig hebben. Er zat een hoogleraar “chronobiologie” in het gezelschap en hij gelooft daar dus absoluut niet in. Wel heb je inderdaad verschillende chronotypes: van ochtendmens tot avondmens, maar zelfs voor de die hards onder de kortslapers is 4 uur slaap structureel te weinig. Luister zelf maar.

Tijdens deze uitzending stelde hun vaste trend watcher Farid Tabarki dat we niet minder moeten gaan slapen om meer tijd te creëren, maar dat we juist meer tijd moet nemen om ons te vervelen. Jawel! Want door verveling komen je creatieve processen op gang. Dit waren precies de woorden die ik nodig had: vervelen is goed voor de creativiteit. Yes! Want als ik me niet genoeg verveel, dan krijg je dus miscreaties zoals deze, deze of zelfs deze.  

En omgekeerd: als je bij het lezen van één van mijn verhalen denkt: potverdorie wat is dit goed, dan heb ik me voor het schrijven ervan dus eerst uuuuren of misschien wel daaaaaagen zitten vervelen. Dus als wij ons nooit meer zouden vervelen, wordt het dus een saaie, inspiratieloze wereld. Dus waar wacht u nog op: Gaat heen, en verveelt u zich! 

Deze storm werd mede mogelijk gemaakt door…

Het is dus voor een deel Ulla’s schuld dat een groot deel van Engeland blank staat. Willemijn de weervrouw zei even tussen neus en lippen door dat de storm die over GB trok in Duitsland Ulla werd genoemd. En als jij je naam ook op de internationale weerkaart wil hebben, dat dat kan als je daar veel geld voor over hebt.

Ik zag dat dus meteen voor me. En dan natuurlijk ook meteen de wedijver die daaruit ongetwijfeld gaat voortvloeien. Wie is de eerste die een storm claimt? Er zal een heus internationaal storm claimers hall of fame komen met daarop de storm top scores: windsnelheid, neerslagvolume, totale schade (hectares verwoest oerwoud, aantal verwoeste woningen, aantal doden). Uiteraard kunnen claims ook worden verhandeld. En allicht kan de storm-eigenaar advertentie-inkomsten werven: Deze storm werd mede mogelijk gemaakt door Gamma… Over 10 jaar vinden we dat heel normaal.

Het claimen van een storm met potentie kost veel geld, maar ik zie ook een markt voor andere natuurrampen zoals tsunami’s, vulkaanuitbarstingen en natuurlijke bosbranden. De wedijver zit in de plek die je zult krijgen op de natural disaster hall of fame.  En je zou natuurlijk moeten kunnen wedden op de omvang van de schade van de natuurrampen. Er zullen apps komen zodat je altijd en overal, terwijl je de ramp ter plekke ziet ontstaan, je weddenschap kunt plaatsen. En omdat dat nogal macaber is moeten de opbrengsten van die weddenschappen voor een belangrijk deel naar de gevallen slachtoffers gaan.

Ik zie een nieuwe startup. Nu nog een crowd die het wil funden. Wat een gekte, maar over 10 jaar denk ik daar anders over en heb ik er spijt van dat ik toen ik dit schreef de ondernemendheid ontbeerde.