Weer

Depressie

Laatst legde ik aan iemand uit dat ik in een zware depressie was terecht gekomen. Terwijl ik dat zei kwam het woord “depressie” me ineens vreemd voor. Alsof er iets niet klopt. Alsof het helemaal niet past bij de toestand waarin iemand verkeert die diep in de put zit. Depressie betekent volgens mij letterlijk “drukverlaging”. Verlichting dus eigenlijk, en ontspanning. Maar als ik in de put zit voel ik het omgekeerde. In de put voel ik me zwaarmoedig en gespannen, en het is donker in de put.

In de meteorologie is een depressie een gebied met lage luchtdruk dat ontstaat in het grensgebied tussen twee verschillende luchtsoorten. Er kan dan een atmosferische stofzuiger ontstaan die de lucht opzuigt. Daar waar de lucht dan wordt weggezogen ontstaat een lagedrukgebied. De luchtdruk is daar verlaagd. In de kern van zo’n depressie is het heel rustig. Het waait bijna niet en de zon breekt zelfs door. Ja ja, verlichting! Maar het is vaak een voorbode voor slechter weer. De beruchte stilte voor de storm. Als zo’n depressie over het land trekt heb je ten Noorden en Zuiden van het depressiegebied sterke verschillen in weer en wind. Als een depressie lang op één plek blijft, dan blijven die sterke weersverschillen ook langer aan.

Ik begin parallellen te zien met het weer. Mijn depressie is ontstaan op het grensvlak van twee waarheden. Een hoog waarheidsgebied botste met een laag waarheidsgebied. Er ontstond een psychologische stofzuiger die mijn opgeblazen ego opzoog. Als ik door het land trek ontstaan er ten Noorden en Zuiden van mij sterke verschillen in humeuren en gemoedstoestanden. Als ik lang op één plek blijf hangen houden die sterke verschillen in gemoedstoestanden ook langer aan. Daarom is het maar goed dat ik ben weggedreven. Momenteel ervaar ik inderdaad rust en verlichting. Logisch, want ik ben zelf de kern van mijn depressie. Gisteren dreven de twee waarheidsgebieden weer te dicht naar elkaar toe en voelde ik de bui komen. Toen we weer uiteen dreven voelde ik de spanning verminderen. Het heeft nog wel wat gemiezerd bij me.

 

Advertenties

Schaatsen op straat

Nadat ik gisteren, vanwege de ijzel, het grootste deel van de dag thuis stoïcijns achter mijn laptop had zitten werken, besloot ik rond een uurtje of 4 in de middag ook maar eens het ijzige weer te trotseren. Even naar de supermarkt om spekvet te halen voor de geplande bietenstamppot. Ik glibberde met kleine, stijve stapjes over de spekgladde klinkertjes van de straat terwijl er kinderen op de schaats langs me roetsjten.

Na een goeie twintig minuten glibberen en glijden kwam ik bij de Appie. Daar was het nagenoeg uitgestorven. Code Rood maakt blijkbaar indruk. Even later stond ik weer buiten om weer aan de glibbertocht terug naar huis te beginnen. Maar toen herinnerde ik me dat ik bij de Aldi, van die spike-zooltjes had gezien die je onder je schoenen kunt binden. Ik besloot dat dit extreme weer me geen andere keus bood dan het aanschaffen daarvan. En een minuutje of 10 later stapte ik met zekere en “knirspende” (alsof ik voortdurend op een grindpad liep) tred over de glibberigste stukjes Dwingeloo die ik maar kon vinden.

Terug in mijn straat schaatsten mijn kinderen me tegemoet. Hee Papa, waarom knirspen je schoenen zo? En toen liet ik ze zien dat ik gewoon kon rennen zonder uit te glijden. Dat kwam ze goed van pas, want nu mocht ik de slee gaan trekken, liefst zo hard mogelijk.

Pas toen het al wat begon te schemeren drong het ineens tot me door hoe stom het was om me de hele dag op de zolder op te sluiten voor mijn o zo belangrijke werk. Hoe vaak komt het voor dat je op straat kunt schaatsen? De laatste keer dat ik dat deed was 35 jaar geleden. En zo kwam het dat ik even later op mijn trouwe ouwe Vikings een sleetje vol kinderen door de straat sleurde. Wat een pret!

Deze storm werd mede mogelijk gemaakt door…

Het is dus voor een deel Ulla’s schuld dat een groot deel van Engeland blank staat. Willemijn de weervrouw zei even tussen neus en lippen door dat de storm die over GB trok in Duitsland Ulla werd genoemd. En als jij je naam ook op de internationale weerkaart wil hebben, dat dat kan als je daar veel geld voor over hebt.

Ik zag dat dus meteen voor me. En dan natuurlijk ook meteen de wedijver die daaruit ongetwijfeld gaat voortvloeien. Wie is de eerste die een storm claimt? Er zal een heus internationaal storm claimers hall of fame komen met daarop de storm top scores: windsnelheid, neerslagvolume, totale schade (hectares verwoest oerwoud, aantal verwoeste woningen, aantal doden). Uiteraard kunnen claims ook worden verhandeld. En allicht kan de storm-eigenaar advertentie-inkomsten werven: Deze storm werd mede mogelijk gemaakt door Gamma… Over 10 jaar vinden we dat heel normaal.

Het claimen van een storm met potentie kost veel geld, maar ik zie ook een markt voor andere natuurrampen zoals tsunami’s, vulkaanuitbarstingen en natuurlijke bosbranden. De wedijver zit in de plek die je zult krijgen op de natural disaster hall of fame.  En je zou natuurlijk moeten kunnen wedden op de omvang van de schade van de natuurrampen. Er zullen apps komen zodat je altijd en overal, terwijl je de ramp ter plekke ziet ontstaan, je weddenschap kunt plaatsen. En omdat dat nogal macaber is moeten de opbrengsten van die weddenschappen voor een belangrijk deel naar de gevallen slachtoffers gaan.

Ik zie een nieuwe startup. Nu nog een crowd die het wil funden. Wat een gekte, maar over 10 jaar denk ik daar anders over en heb ik er spijt van dat ik toen ik dit schreef de ondernemendheid ontbeerde.

Mijn overtallige regenboog

Jaren geleden (1999) stond ik met mijn oude Yashica FR I (0,0 megapixels) op het juiste moment op de juiste plek. Mijn vrouw en ik hadden ons vanwege de alsmaar aanhoudende regen verschanst in een huisje in Oltjärn (Zweden, bij Hedeviken). Het was rond een uur of 9 in de avond dacht ik, en het regenen hield eindelijk op. De zon kwam plots achter de wolken vandaan en bescheen de wegtrekkende bui. Als afscheidscadeautje kregen wij toen deze prachtige overtallige regenboog voorgeschoteld (zie foto hierboven). En ik stond dus klaar met mijn ouwe camera. Ik had er een polarisatiefilter op gedraaid waardoor ik de regenboog perfect kon vastleggen op de diafilm. 

Later kwam mijn foto via een collega van mijn vrouw in de kringen van de meteorologen en kreeg ik het verzoek of mijn plaatje mocht worden gebruikt voor wetenschappelijke doeleinden. Ik stemde meteen in onder de voorwaarde dat mijn naam erbij werd vermeld. In Duitsland (waar ik toendertijd woonde) werd in het jaar nadat ik de foto had genomen zelfs een boekje over weerverschijnselen uitgebracht waarin mijn foto werd gebruikt. En mijn foto werd gepubliceerd in een Deens meteorologisch vakblad. Van beide kreeg ik een exemplaar, die ik nu ik dit schrijf even nergens meer kan vinden. Ze liggen beslist in een oude doos ergens op zolder, niet ver van mijn oude Yashica.

Ik was mijn regenboog al weer haast vergeten tot ik hem zomaar tegenkwam op Pinterest in een heus virtueel regenbogenmuseum. Mijn regenboog, in een museum! Terwijl ik de virtuele traan wegpinkte bedacht ik me dat dat moment waarop ik vol ontzag dit wondertje van de natuur aanschouwde, dus nu virtueel door de hele wereld kan worden herbeleefd. Toch leuk.

Kletsglad

Van de week waren de klinkerstraten van Dwingeloo hier en daar spekglad van de aangevroren rijp, dus gleed Emiel toen hij samen met papa naar school fietste wel drie keer uit met zijn fietsje. De volgende dag had het geregend maar niet gevroren, en waren de klinkertjes van de straten alleen maar nat. Zegt Emiel tegen mij als we samen naar school fietsen: “papa, pas op dat je niet uitglijdt hoor, want de weg is kletsglad!”

Je begrijpt het, vanaf nu is spekglad vervangen door kletsglad. Dekt veel beter de lading. Meneer van Dale, voegt u het even toe aan uw dikke boek. Bij voorbaat dank.

Solar junky

zonverslaving

Bij ons in de tuin staat een een kerstomatenplant. Daaraan groeien tomaatjes zo zoet als aardbeien, want nergens schijnt het zonnetje zo goed als boven onze tuin. Er gaat niets boven fruit uit eigen tuin, toch? Ik heb er wel een soort obsessie mee gekregen, met de zon. Het is het soort obsessie dat mij regelmatig naar sites als buienradar.nl en weergegevens.nl doet surfen. Ik móet namelijk weten hoeveel zon ik op ons dak mag verwachten. Ook kijk ik vergenoegd of verbitterd terug in de tijd op grafiekjes die me laten zien hoeveel zon ons dak heeft bereikt. Ik ben een solar junky.

Met de grafiekjes van hierboven ben ik gematigd vergenoegd. Met name 5 september is er eentje voor boven de schoorsteenmantel (die ik niet heb) of op een T-shirt. Ik ben er gek genoeg voor. De oranje grafiek toont het percentage zon dat is gemeten in het weerstation in Hoogeveen. Daar woon ik niet ver vandaan. De blauwe grafiek toont hoeveel watt vermogen de tien zonnepanelen die op ons dak liggen produceren. Je ziet het: veel zon is veel vermogen.

5 september leverde een lekkere, vette 14,15 kWh op. Heerlijke groene stroom, van eigen dak kwam op die dag uit onze stopcontacten. Het tosti-ijzer maakte de tosti’s extra goudgeel, en de cola uit de koelkast was extra verfrissend. Voor de rest stroomt die lekkere stroom vooral naar buiten het energienet in zodat de buren opeens ook dachten van “goh, wat een lekker, krachtig bakkie koffie komt er vandaag uit de senseo!”, of “goh, wat heeft de grasmaaier er zin in vandaag zeg!”.

Maar de  komende dagen worden zo te zien minder zonnig.  De onderstaande voorspelling maakt me al bij voorbaat somber. Sorry buren, de koffie zal wat minder lekker zijn vrees ik.  Maar ach, in de regen kun je toch geen gras maaien en tomaten hebben ook water nodig. Bovendien worden de zonnepanelen met een lekkere bui ook weer mooi schoon, zodat ze bij de volgende zonnige dag weer lekkere frisse stroom maken kunnen.

zonverwachting