wetenschap

Wetenschap #6WMB

 

Weten dat menen het tegenovergestelde is

09meningfc_1000x630at0-0_548x345
bron: http://delta.tudelft.nl

mijn inzending voor Doldriest’s schrijfopdracht “6 woorden met beeld” thema “wetenschap”

Advertenties

Het principe van het principe

Het principe van een gloeilamp is dat het licht geeft omdat er een elektrische stroom door de gloeispiraal gaat. Hierdoor wordt de gloeispiraal heet (drieduizend graden) en straalt dan licht uit. Zo werkt het. Een handige uitvinding waardoor je ’s avonds een boek kunt lezen.

Volgens het principe van Fermat is de weg die dat licht van gloeispiraal tot jouw boek aflegt altijd de weg die in de kortste tijd kan worden afgelegd.  Een natuurkunde-wet waar geen photon aan ontkomt. Deze bewering is altijd waar. Dat is wetenschappelijk aangetoond en verklaard. Daarom mag je het als basisprincipe (grondslag, axioma) voor andere wetten gebruiken. Bijvoorbeeld voor het bepalen van de hoek waarmee licht wordt gebroken bij een materiaal-overgang (wet van Snellius).

Maar je kunt ook niet bewezen beweringen, theorieën, als grondslag voor andere stellingen gebruiken. De hedendaagse rekenkunde zou bijvoorbeeld niet kunnen bestaan zonder de theorie van het natuurlijke getal. Deze theorie, de rekenkunde van Peano, is gebaseerd op een overzichtelijk rijtje basisprincipes die ondubbelzinnige bepalen wat de reeks van natuurlijke getallen is.

In de wetenschap voer je in principe nooit bovennatuurlijke krachten aan als verklaring voor een verschijnsel. Vanuit dat principe ligt alles wat we niet rationeel kunnen verklaren altijd aan ontbrekend inzicht. Het is een belangrijk grondbeginsel van de wetenschap. Daarmee onderscheidt het zich van religie.

Bij religie staan hogere machten juist centraal in de verklaring van verschijnselen. Die hogere machten kunnen goden zijn, maar dat hoeft niet. Taoïsten zoeken bijvoorbeeld geen verklaring in Opperwezens, maar zien de loop der dingen eenvoudig als een natuurlijk principe. Het is zoals het is, omdat het is zoals het is.

Maar natuurlijk kun je als mens ook gewoon een zelf gekozen standpunt innemen. Zo kun je er bijvoorbeeld voor kiezen om volgens bepaalde regels te leven. Je kunt bijvoorbeeld uit principe geen vlees eten. Of uit principe alleen aardbeien eten  die uit Nederland komen en niet in een kas zijn gekweekt. Of uit principe  geen Apple-technologie willen gebruiken. Of uit principe niet gokken. Dit soort principes zijn afspraken met jezelf, en zijn sterk bepalend voor je gedrag. Soms moet je je principes wel eens herzien of tijdelijk of voor altijd overboord gooien. Mijn aardbei-principe gooi ik bijvoorbeeld soms wel eens overboord als ik in november ofzo plotseling overmand word door trek in aardbeien.

Dus samenvattend is het principe van een principe dat je er in beginsel door bewerkstelligt dat je uitgangspunten hebt voor het innemen van (nieuwe) standpunten of juist om eerder ingenomen standpunten (tijdelijk) te verlaten. Daar is in principe natuurlijk geen speld tussen te krijgen.

Simon Stevin

Simon Stevin was een Vlaamse natuurkundige, wiskundige en ingenieur. Hij bedacht het decimale breukenstelsel maar ook hoe je vestingen met behulp van toegepaste wiskunde sterker kon maken (De Stercktenbouwing, 1594).

Aan deze man zou het Klokhuis nou eens een aflevering aan moeten wijden. Daar kijkt mijn hele gezin namelijk gretig naar. Dankzij TV-gemist kun je in het weekend een Klokhuismarathon houden, dus wij missen maar weinig afleveringen. Bij mijn weten is Simon Stevin (1548 – 1620) nog niet aan bod geweest.

Het zou heel goed passen in de serie over de Nederlandse geschiedenis, want hij was een belangrijke grondlegger van het wetenschappelijke en technische Nederlands. Dankzij Stevin hebben we Nederlandse woorden voor Grieks-Latijnse termen, zoals bijvoorbeeld wiskunde (mathematica), scheikunde (chemie), loodrecht (perpendiculair), middellijn (diameter), rede (ration) en het prachtige “wijsbegeerte” (filosofie).

Stevin was een taalpurist en geloofde zelfs dat Adam en Eva Nederlands moeten hebben gesproken, omdat het een oertaal is met de meeste korte woorden die makkelijk samenstellingen vormen.

In Uytspraeck vande Weerdicheyt der Duytsche Tael, een onderdeel van de Weeghconst, benadrukte hij het belang van de taal waarin wetenschap wordt beoefend. Hij beweerde namelijk dat het Nederlands met zijn eenlettergrepige woorden beter geschikt is voor kennisoverdracht”. 

(bron: wikipedia)

Zou hij talen daadwerkelijk met elkaar hebben vergeleken op aantallen korte woorden? Klinkt absurd en onlogisch, maar Stevin geloofde dit. Stevin was verder een uiterst rationeel mens. Hij geloofde dat alles een logische verklaring heeft: Wonder en is gheen wonder. Vanuit dit motto heeft hij briljante bijdragen aan de wetenschap geleverd. De leukste vind ik zijn Clootcransbewijs (uit De Beghinselen der Weeghconst), waarin hij vanuit het ongerijmde (=absurditeit) de volgende stelling bewijst: 

Twee voorwerpen op een hellend vlak houden elkaar in evenwicht als hun gewichten zich verhouden als de lengte van de vlakken.

Het bewijs gaat als volgt:

  • Stel er is een driehoek met twee niet-gelijke hellingen.
  • We hangen om deze driehoek een kralensnoer (clootcrans) met gelijke kralen op gelijke afstanden.
  • Stel dat het koord gewichtsloos is en alles wrijvingsloos kan bewegen.
  • Het aantal kralen op de linker helling is kleiner dan die op de rechter helling.
  • Als de krachten zich NIET verhouden als de lengte van de helling dan is de kralenketting niet in evenwicht.
  • Het kralensnoer zal gaan bewegen… ófwel linksom, ófwel rechtsom.
  • “De cloten sullen uyt haer selven een eeuwich roersel maken, ’t welck valsch is”.

Stevin gaat er van uit dat iedereen inziet dat zo’n perpetuum mobile niet kán bestaan, en de enig overblijvende mogelijkheid is dus dat de stelling juist is: dat de effectieve kracht van de kralen op de hellingen zich moeten verhouden als de lengte van de (tegenoverliggende) hellingen.

(bron: wikipedia)

“De cloten sullen uyt haer selven een eeuwich roersel maken, ’t welck valsch is”, dat is toch smullen. Simon Stevin is mijn nieuwe Held. Hij heeft heel veel betekend voor de wetenschap en onze geschiedenis. Dus, Klokhuisredactie, op naar Brugge. Zijn standbeeld in Brugge (zijn geboorteplaats) is volkomen terecht. Als ik eens in de buurt ben, zal ik een clootcransje aan zijn bronzen voeten leggen.