Onverdraagzaamheid – les 4 : “Neem jezelf overdreven serieus”

Dit is les 3 in de serie “onverdraagzaamheid in 10 stappen“, waarin je op ridicule manier leert hoe je jezelf kunt veranderen in een intolerante hork. Wie wil dat nou niet?

De hork die jij ambieert te zijn is een hoekig en autoritair persoon. Hoekig vanwege zijn (of haar, maar dat laat ik in het midden) ruwe karakter. Autoritair vanwege zijn rotsvaste geloof in zijn superioriteit. Aan die superioriteit ontleent hij zijn status en zijn macht. Het mooie is dat je niet eens echt superieur hoeft te zijn om je autoritair te kunnen opstellen. Je hoeft alleen maar te geloven dat je boven iedereen verheven bent. Je hoeft jezelf eigenlijk alleen maar overdreven serieus te nemen, en dan volgt de onverdraagzaamheid vrijwel vanzelf.

Wat moet je doen?

Stap 1:

Begin met je lichaamshouding. De hork gaat met opgeheven kin door het leven en kijkt de medemens langs zijn neus met arrogante blik aan. Oefen dit voor de spiegel. Waarschijnlijk durf je jezelf aanvankelijk niet eens aan te kijken, maar doe dat toch. Kijk jezelf recht in de ogen en zie jouw innerlijke hork. Ook al stelt het niks voor, geloof in jouw superioriteit. Straal onwrikbare autoriteit uit. Jij bent beter dan anderen. Wee degene die durft te tornen aan jouw gelijk. Als je dit kunt zonder lachstuipen ben je al een heel eind op weg om jezelf te serieus te nemen.

Stap 2:

Waar je ook gaat: straal uit dat jij voor niemand wijkt. Oefen dit bijvoorbeeld in een drukke winkelstraat. Loop tegen de stroom in terwijl je strak voor je uit kijkt (langs de neus!). Jij bent een massief, niet te stuiten, bot projectiel. Doorklief het gepeupel. Als je dit kunt zonder botsingen, mag je jezelf hork noemen.

Stap 3:

Koop (of lease) een BWM of andere macho-wagen, bij voorkeur een zwarte. Meet jezelf vervolgens een agressief rijgedrag aan: Toeter binnen 2 seconden nadat het stoplicht op groen springt naar de slome weggebruiker voor je die nog naar het gaspedaal op zoek is. Kleef drammerig bumper als je voorligger ook maar een kilometer per uur minder dan de maximaal toegestane snelheid rijdt. Haal eventueel roekeloos in, desnoods via de vluchtstrook. Jouw opgefokte, asociale bak verheft je boven de rest van het verkeer. Ja, voel jezelf ook opgefokt, want dat past bij de hoekige hork.

Stap 4:

Nu wordt het serieus. Deze laatste stap is het puntje op de i. Begin hier niet aan zonder eerst stap 1 en 2 te doorlopen. Stap 3 mag je zien als een extra hulpmiddel.

Durf belachelijke stellingen te nemen en herhaal deze omdat je gelooft dat je anders niet meer serieus genomen mag worden. Bijvoorbeeld dat je vindt dat er minder Marokkanen in Nederland moeten zijn. Eigenlijk gaat het er vooral om dat je jezelf serieus moeten kunnen blijven nemen om je verheven te kunnen blijven voelen boven de rest van de mensen met hun zielige standpuntjes. Haal ook je neus op voor die neuzelende wetenschappers. Wetenschap is ook maar een mening, toch? En veracht bovenal de rechtsstaat, want jou krijgen ze nooit klein. Goed bezig!

Eerdere lessen in onverdraagzaamheid:
Les 1
Les 2
Les 3

Groote drift (in 6 woorden)

Al vergalopperende draafde hy maar door

zich vergalopperen: (spelling uit 1858) zich voorbijloopen, zich overijlen; eenen misslag begaan uit onbezonnenheid of door te groote drift
bron: http://www.encyclo.nl

Onverdraagzaamheid – les 3 : “Vat alles persoonlijk op”

Dit is les 3 in de serie “onverdraagzaamheid in 10 stappen“, waarin je op cynische wijze leert jezelf te transformeren tot tiran.

Artsen zijn vaak moeilijke patiënten. Hoe meer kennis en ervaring (grotere autoriteit), des te moeilijker. Dit komt voort uit wantrouwen door kennis. De patiënt weet het beter dan de arts. Voor psychologen geldt dat denk ik nog wel het meest. Ik kan dat niet staven, maar ik weet zeker dat de drempel voor het bezoeken van een psycholoog voor psychologen veel hoger is dan voor niet-psychologen.

Een tandarts kan natuurlijk moeilijk zelf zijn eigen wortelkanaalbehandeling uitvoeren, net zo min als dat een chirurg bij zichzelf een bypass-operatie kan doen, maar voor een psycholoog ligt dat natuurlijk anders. De valkuil van de psycholoog is dat hij denkt dat hij/zij zichzelf objectief kan analyseren. Maar niemand kan zichzelf natuurlijk 100% objectief analyseren.

Het is weer dat mooie spreekwoord van de vuurtoren die hier opgaat: onderaan de vuurtoren is het donker. En ik voeg daar nu aan toe: hoe hoger de vuurtoren (hoe meer kennis), des te sterker is dat effect. De psycholoog kán zichzelf helemaal niet beoordelen, want door de grote hoogte van zijn vuurtoren van autoriteit komt het weinig strooilicht dat hij veroorzaakt zeker weten niet bij zijn (of haar) eigen voeten.

Autoriteit creëert afstand. Autoritaire mensen staan op grote afstand van anderen (het gepeupel). En dat is natuurlijk gunstig voor mensen met een dictatoriale inslag. Je duldt sowieso natuurlijk geen tegenspraak. Het is ook onlogisch dat anderen jou tegen willen spreken, want jij hebt altijd gelijk. Jouw normen, waarden en opvattingen zijn absoluut. Andere normen, waarden en opvattingen accepteer je eenvoudig niet. Jij bent onverdraagzaam.

Maar wat doe je met de tegenspraak die je ondanks je autoritaire en afstandelijke houding toch ontvangt?  Juist: heel persoonlijk opvatten. Alles dat ook maar enigszins lijkt op tegenspraak dien je heel persoonlijk op te vatten. Het is namelijk een directe aanval op jouw onmetelijke intellect. Dit moet je dan ook meteen de kop indrukken. Smoor het in de kiem. Hou iedereen in je omgeving zo klein en onwetend mogelijk, zodat de tegenspraak vanuit die omgeving niet kan optreden.

Een verhaaltje:

Een ogenschijnlijk normaal gezin bestaande uit pa, ma, broer en zusje, woonde in een leuke buurt waar iedereen zich veilig waande. Je kon je fiets gewoon buiten laten staan en vergeten op slot te doen, en dan stond het er de volgende ochtend gewoon nog. Maar op een dag was de nieuwe (tweedehands) fiets van zusje tóch gestolen. Ze was er helemaal ondersteboven van. Maar Pa kon haar alleen maar nalatigheid verwijten in plaats van begripvol te zijn.

Grote broer stond erbij en begon te koken van binnen. Er ontkiemde zich een hete uitbarsting van woede. Pa zag het gebeuren en keek hem met harde ogen aan. Toen zei hij smalend: “En jij houdt je mond maar snotneus!”. Weg kiem, alleen de dreun van de dichtslaande deur van zijn slaapkamer getuigde nog van zijn woede.

Onverdraagzaamheid – les 2 : “Verheerlijk jezelf”

Onderaan de vuurtoren is het donker. Het betekent ongeveer hetzelfde als: anderen de les lezen, maar jezelf niet aan die lessen houden. Maar ik doe dat anders: jullie lezen mijn les, maar ik verwacht dat jullie je er niet aan houden, net als ikzelf.

In deze les in onverdraagzaamheid leer je hoe je jezelf kunt verheffen boven de ander. Het vermogen je neerbuigend op te stellen stelt je namelijk in staat om gemakkelijker de overtuigingen en gewoontes van anderen af te wijzen. Je moet boven die andere overtuigingen kunnen staan.

Vanuit het perspectief van de onverdraagzame persoon die jij wilt leren te zijn, heeft hetgeen jij niet verdragen wilt altijd zijn oorsprong bij anderen. Het ligt natuurlijk niet aan jou. Het probleem ligt bij de ander. Bovendien verkies jij de opvattingen en gedragingen van die anderen niet te verdragen. Dus niet omdat je het niet verdragen kán, maar omdat je het niet wenst te verdragen. Onverdraagzaamheid is dus een bewuste keuze die je maakt vanuit jouw rotsvaste overtuiging dat jouw overtuigingen de enige juiste zijn. Het is ook nog eens heel praktisch, want dan hoef je je niet te verdiepen in de overtuigingen van de ander. Ze zijn anders, dus wijs je ze af. En het kan je niets schelen wat dat met de ander doet. Zo simpel.

Meneer Wilders is een wandelend voorbeeld. 

Een voorbeeld dichtbij huis (begin klein):

Het is ochtend en je zit met je gezin aan de ontbijttafel. Je hebt voor jezelf een boterham met een royale berg hagelslag gemaakt en bent deze heerlijk aan het opeten. Je zoon of dochter doet vervolgens bijna – je kunt het pak hagelslag bijtijds afpakken – net zo’n berg hagelslag op brood. Natuurlijk in de overtuiging dat dat mag omdat jij dat ook mag. Helemaal fout natuurlijk! Hoe durft dat kind zich jouw volwassen overtuigingen aan te meten? Jij staat immers boven het kind verheven. Dus je berispt het kind voor de intentie om een idiote hoeveelheid hagelslag op brood te strooien. “Ja maar jij…”, durft het kind uit te brengen. “Niks te jamaren! Ik knoei niet! “, blaf je erover heen. Zo doe je dat dus. De mening van het kind doet er dus helemaal niet toe. Wat kan jou het schelen wat dat met het kind doet?

“Ja maar eigenlijk is het een vorm van stigmatisering net als dat met die kopvoddentax…”, zou je kunnen denken. Maar dan zeg ik: “Niks te jamaren!”

Onverdraagzaamheid – les 1: ontketen je innerlijke storm

Vanuit een soort omgekeerde filosofie wil ik onverdraagzaamheid meester worden. Dat bedoel ik heel letterlijk. Ik wil een vuurtoren zijn die ook het donker aan de voet beheerst. Dus schrijf ik een boekwerkje vanuit het perspectief van die toren, maar met een fikse portie cynisme dat benadrukt hoe donker het is aan de voet van die vuurtoren. Een antipatroon.

Eerst maar eens de definitie: Wat is onverdraagzaamheid? 

Onverdraagzaamheid is het vermogen afwijkende ideeën en gewoonten van anderen te ontkennen en af te wijzen.

Hitler was een ware grootmeester in onverdraagzaamheid. De duisternis aan zijn voeten slokte hem uiteindelijk toch op, maar zijn licht van intolerantie heeft diepe sporen achter gelaten. Onverdraagzaamheid is dan ook een key competence van dictatoren. 

Dit is maar voor weinigen weggelegd, en beoog ik ook niet met deze lessen. Maar de essentie is hetzelfde. Ik ga je leren hoe je effectief de ideeën en gewoonten van anderen kunt ontkennen en afwijzen.

Les 1: Ontketen je innerlijke storm

 

Voor maximale onverdraagzaamheid is het van belang om een bepaalde mate van opgefoktheid te creëren bij jezelf. Als je te kalm bent van binnen sta je te veel open voor andermans ideeën. Zorg dus dat je jezelf goed opfokt voor je de confrontatie aan gaat met je medemens in de samenleving. Het gaat hier niet om de anderen, maar vooral om jezelf. Het gaat om jouw zelf- en wereldbeeld. De beelden van anderen doen er niet toe.

Hieronder volgt een goeie oefening die je meteen in de praktijk kunt brengen. Gewoon thuis, aan het eind van een lange, drukke werkdag. Met deze oefening kun je je innerlijke dictator even lekker naar buiten laten komen in een veilige omgeving, namelijk thuis, bij je gezin.

Ben je er klaar voor? Hier komt het:

Randvoorwaardelijk voor deze oefening is dat je na een lange werkdag aansluit in een lange file. Desnoods rij je ervoor om. Zoek een flinke file op. Er zijn heel handige apps die je op je smartphone kunt installeren, die je precies kunnen zeggen waar die files zijn. Onderweg naar die file moet je jezelf alvast een beetje opfokken door je flink te ergeren aan het rijgedrag van anderen. Kleef stevig bumper en vloek en tier vanachter je stuurwiel. Zo kom je goed geagiteerd in de file. 

Uiteindelijk kom je murw en met rood omrande ogen uit die file en scheur je veel te hard door de bebouwde kom naar je huis. Neem even een moment in de stilte van je bolide om je innerlijke storm te voelen. Je bent een getergde orkaan. Voel het.

Dan stap je met gebogen rug uit. Smijt je portier maar dicht en loop naar de voordeur. Binnen hoor je de belachelijk vrolijke geluiden van je kinderen. Open nu de deur en treed binnen in je huis. Straal sterk uit dat je een ontzagwekkende pestbui hebt. Wees die onverdraagzaamheid. Jij duld geen tegenstand. Als je dit goed doet, valt er onmiddellijk een geladen stilte in huis. Geniet van die stilte. Dat is het effect van jouw licht. 

De duisternis aan je voeten bestaat uit angst, onzekerheid en verachting van je naasten. Maar die heb je dan ook wel verdiend.

Dit was les 1. Wellicht komen er meer. Wellicht was dit al voldoende om het echte licht te zien. 

Onverdraagzaam in 10 stappen

Als je een rolmodel zoekt voor verdraagzaamheid, kijk dan maar niet naar mij. Ik ben – vooral thuis – ongeveer zo verdraagzaam als Bokito, maar misschien zou Bokito zelfs een rolmodel kunnen zijn voor mij. Met verdraagzaamheid worstelde ik al eens eerder, en vroeg of het boekje “verdraagzaamheid voor dummies” al bestond. Voor zover ik kan zien bestaat het nog steeds niet. Zal ik het dan maar gewoon zelf gaan schrijven? 

Dan doe ik me gewoon voor als een door schade en schande self made verdraagzaamheids-guru en schrijf mezelf wijs. Misschien moet het dan geen “voor dummies”-boek zijn, maar zo’n lekker concreet stappenplan: “Verdraagzaamheid in 10 stappen”. En als ik het boek af heb, ben ik de verdraagzaamheid zelve en mag ik me terecht guru noemen. 

Je hoort vaak dat de schrijvers van dergelijke boeken juist meestal het tegenovergestelde zijn van hetgeen het boek met de lezer beoogt te bereiken. Ooit hoorde ik eens deze treffende uitdrukking: Onderaan de vuurtoren is het donker. Die gaat dus erg vaak op, is mijn ervaring. Maar dan heb ik de oplossing! Ik draai licht en donker gewoon om. Mijn boek krijgt de titel: “Onverdraagzaam in 10 stappen”.

Kortom: ik kruip in de huid van ‘s werelds meest onverdraagzame personen en verzamel al hun levenslessen over hoe je een succesvolle, intolerante hork wordt. Als ik het boek af heb, straal ik één en al intolerantie uit, maar ben ik stilletjes verdomd verdraagzaam. Ook overweeg ik het voorwoord te laten schrijven door een rolmodel in onverdraagzaamheid. Een niet nader te noemen rechtse politicus met fout kapsel of zo. Dat boek verkoopt vast ook nog eens veel beter dan haar inverse.

Een échte smartfoon

Het moet niet gekker worden: een telefoon met een hartslagsensor. Maar in 1992 vond ik een telefoon waarmee je kon e-mailen ook belachelijk, laat staan eentje dat kan fotograferen en je foto’s automatisch op het internet zet. Toch verzend ik nu minstens 5 e-mails per dag met mijn telefoon en plaats ik natuurlijk dagelijks bloto’s van mezelf in de cloud. En de typefouten in mijn e-mailtjes neemt men maar gewoon voor lief, want dat komt door het priegelige toetsenbordje en mijn te grote handen.

Mijn huidige telefoon is een ding dat nog redelijk in de broekzak van mien spiekerboksem (spijkerbroek, voor de niet-Grunningers) past. Daar zocht ik hem min of meer op uit. Maar voor mijn handen is ‘ie eigenlijk te klein. En na bijna 3 jaar wil z’n accu ook niet meer. Hij moet bij veel telefoneren al halverwege de dag weer aan de lader. Dus ik bestelde argeloos een nieuwe (van de zaak), zonder op de specs te letten: als ‘ie maar groot is en geen iphone is.

En dan lees ik dus net dat het ding een hartslagsensor heeft. Wat kan ik daarmee? Is het om te meten dat ik nog leef? Zodat het automatisch 112 belt als ik lig te sterven? Of is het om te meten wat mijn staat van opwinding is? En hoe weet het dan het verschil tussen boos en hitsig? Misschien heb ik dan nu wel een échte smartfoon, die aan mijn hartslag kan detecteren of ik weemoedig ben, zodat het in een geduldige luisterstand gaat en ik al mijn ellende eraan vertrouwen kan. Wauw, dat moet het zijn. Over 5 jaar vind ik dat vast ook net zo normaal als e-mailen met een telefoon.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 759 andere volgers